maandag 9 februari 2015

Map 8. Mauretania

Ringmap 8

‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
    titel                naam              plaats/bron
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
8.1.Les textes d'emar    D.Arnaud          SYRIA LII 1975 blz 88
                                           Aantekeningen incl. een
                                           opmerking Adonisfeest

8.2.Inscriptions sigillaires               Aantekeningen +
    ouest‑semitiques II  P.Bordreuil       SYRIA LII 1975 blz 108

8.3.Bibliographie                          SYRIA LII 1975 blz 139
8.3.1.Trésors du Levant      H.Seyrig
8.3.2.Alep .....             S.Souaf
8.3.3.The first Civilisation D.Schmandt‑Besserat
8.3.4.Sukas III              P.J.Riis + H Thrane
8.3.5.Hazor ......           Y.Yadin
8.3.6.Gezer II ....          W.G.Drever + e.a.
8.3.7...Baalbek ...         M.Chebab
8.3.8…Dura Europos        A.Perkins
8.3.9....Ibiza...            J.M.Blazquez
8.3.10.Les Pré-écritures…    M.Gorce
8.3.11.30e Archeologische conventie 1972, Jeruzalem 1973.
a.Excavation at Sechem and Mt.Gerazim
         b.The Camp in Shiloh
         c.The Ivory House which Ahab built
         d.Biblical Traditions on the Early History of the Samaritans
         e.The House of Baal in Samaria and in Judah.
8.3.12.The Egyptian Civil Year, W.M.O’Neil, Sydney 1973.

8.4.Remarques sur les inscriptions
    hatréennes III       B.Aggoula         SYRIA LII 1975 blz 181

8.5.Bulletin d'epigrapie semitique         SYRIA LII 1975 blz 262
8.5.2.Le iscrizione protocanaiche del XII e XI secolo a.C
8.5.4.evolutie letter T. in Fenicisch e.d.
8.5.8.Red Letters......      G.P.+R.B.Edwards
8.5.11.The Object Pronouns.   C.Krahmalkov
8.5.35.Kilikië
8.5.37.La Tour de Qalaat Fakra: Ptolemais-pllmy (fen)
8.5.38.Kanaänieten in Mari-brief
8.5.41.Voorkomen van Harpocrates
8.5.42.Cultus van EL
8.5.43.Astarte              J.Leclant
8.5.44.Athtar/'Ashtar         G.Garbini
8.5.45.Ashtart                M.H.Fantar
8.5.46.B*l kr te Sidon
8.5.47.Die Religion Altsyrien
8.5.48.Philo van Byblos...    J.Barr
8.5.49.A Sign of Tanit        M.Dothan
8.5.50.Melqart e Sid fra Egitto e Sardegna
8.5.51.Textes Ougaritiques    A.Caquot e.a.
8.5.71.Moneta Ibicenza        E.Acquaro
8.5.72.Taw (7e eeuw v.C)
8.5.76.Bersabée met een bet(10e eeuw) en een taw (9/8e eeuw)
8.5.78.A Sign of Tanit from Tel Akko
8.5.80.Malta met “h.b”
8.5.82.Mozia (aleph)
8.5.83.Tamassos (shin)
8.5.108.Two Archaic Inscriptions on Clay Objects from Byblos......Abda, zoon van KLBY, de pottenbakker          (c.900 v.C)           F.M.Cross/P.K.McCarter
8.5.109.Byblos. Behorend aan Abdhamon (12-10e eeuw)
8.5.110.Byblos. Behorend aan Ahias, zoon van Bodi.
8.5.111.The Spatula Inscription from Byblos
8.5.112.Eine Neue Phoeniziche Inschrift aus Byblos
8.5.113.Byblos. Eduth bij yh.wmlk
8.5.114.From Karatepe to Pyrgi
8.5.115.Karatepe / Azitawaddu
8.5.116.Zincirli / Kilamuwa
8.5.117.Arslan Tash / amuletten
8.5.118.Arslan Tash: Proposte sul secundo incantesimo
8.5.119.Arslan Tash: ‘p krs’=de facade van de troon
8.5.120.Nimrud: ivoren broche
8.5.121.Kition: RES 1208
8.5.122.Salamis: ostracon 4e eeuw, aan Abdeshmun
8.5.123.Salamis: amfoor
8.5.124.Harpokrates in het Brits Museum
8.5.125.Nora: oudste inscriptie
8.5.126.Pithekoussai: A Phoenician Graffito
8.5.127.Pyrgi: hieros gamos Melkart Grote bespreking. Pun.
8.5.128.Tas Silg. l*štrt Pun.
8.5.129.Tas Silg. ]mlk *štr[l 4e eeuw Pun.
8.5.130.Krakow: 6 Punische stèles. Pun.
8.5.131.Mactar. NP KAI 145
8.5.132.Lachish. Een koning van Qedar. Fen/Kan qua taal, maar Aram qua schrift

                            W.Röllig
                            S.Yeivin
    ‑Terracottas punicas    J.M.Blazquez
    ‑House of Baal..        Y.Yadin
    ‑Sidon                  E.Lipinski
    ‑Karatepe               E.Lipinski
    ‑Zincirli               E.Lipinski
    ‑Arslan Tash            W.Röllig
    ‑Nimrud                 W.Röllig
    ‑Kition                 M.G.Guzo Amadasi
    ‑Salamis                N.Avigad e.a.
    ‑Nora                   F.Cross
    ‑Pithekoussai           P.K.McCarter
    ‑Milk'astarte           M.Delcors/E.Lipinski
    ‑Tas Silg               M.G.Guzzo Amadasi‑Mactar                 A van den Branden


8.6.Handel und Händler   H.Klengel          Leipzig 1979
                                            Aantekeningen, kaarten
                                            + voornaamste blz.

8.7.Mapa arqueologico    C.L de Montalban   1933
    de la zona del
    protectorado de
    Espana en Marruec        {Melilla,Cazaza,Alucemas,Tanger,Valonae,
                             Ceuta,Arcila,Larache,Tetuan,Laud Plumen,
                             Cabo Tris,Cobucla,Taenia Longa,Parietina}

8.8.Contribution a l'étude de
    l'expansion carthaginoise P.Cintas      insititut des hautes‑études
    au Maroc                                marocaines LVI
                             Moulay Bouselham,Méhédia,Salé,Le Rharb,
                             Zaer Chaouia,Azemmour,Mazagan,Djorf el
                             Youdi,Haha,Cap Sim,Sous,Mogador}
                             [Aantekeningen, voornaamste blz,foto's]

‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
Marokko‑map.
Veel gegevens uit tijdschrift SYRIA
Studie van Montalban is gedateerd, maar bijzonder door de détails

Hoofdstuk 8.


Over schrijvers, handelaren, zeevaarders tot aan Mauretanië toe.
-----------------------------------------------------------------------------

Rondom 1200 v.C.
Het is de tijd van de invallen door de Zeevolken in het Nabije Oosten. Het is de tijd van de strijd om Troje. Het is ook de tijd van ineenstorting van Emar, ofwel Meskéné. De stad werd vernietigd in het 2e jaar van de regering van Mekšihu. De koninklijke familie  bevatte personen met namen, die bij de Kanaänieten voorkomen.

Iasi-Dagan
|
Ba´ala-Kabar
|
---------------------------------------------------
|                    |                    |                         |
Zu-Aštarte      Abbaru    Pilsu-Dagan   Bisu-Dagan
                                |
                              Elli

Bij deze andere families worden de schrijvers expliciet genoemd, zoals Abi-kapi, Iš-Dagan en Ea-Mudammiq. Een familie Zu-Ba´ala is gelieerd met Mursili II, de Hettiet. Nog meer namen zijn uit de gevonden teksten overgeleverd en daaruit blijkt, dat de drie laatste generaties vermeld worden van vlak voor de ramp van 1187 v.C.

8.1.1..Les textes d'emar                          D.Arnaud          SYRIA LII 1975 blz 88
           et la chronologie de la fin du bronze récent

Feest van Adonis.
Dit was een populair feest in Fenicië en vooral rond Byblos en Afqa.
Het bevatte vier fasen:
1.Voorbereidingen voor het feest;
2.eerste dag: dageraad van de begrafenis met weeklagende vrouwen;
3.tweede dag: Processie naar de zee en bij terugkomst de rituele invitatie;
4.Heropstanding van Adonis.
De held raakt bij de jacht dodelijk gewond. Zijn bloed kleurt de rivier bij Afqa dan ook elk seizoen weer rood.

8.1.2. Le rituel des Adonies                   E.Will                SYRIA LII 1975










West-Semietische zegel-inscripties.
Op een Hebreeuws stempel vanuit de 2e helft van de 8e eeuw v.C. staat te lezen:
lm’š // bn.mnh.//hspr = Aan m’š, zoon van mnh, de schrijver. De herkomst is onbekend, maar het stempel werd verworven in Iran. De Hebreeuwse letters uit die gelijken zeer op de Fenicische. Andere soortgelijke vondsten:
1.Murabaal 750 v.C.
2.Hazor 735 v.C.
3.Samaria 725 v.C.
4.Megiddo 8e eeuw v.C.
5.Palestina 8e of 7e eeuw .vC.
6.Jeruzalem 7e of 6e eeuw v.C.
7.Lakish 7e of 6e eeuw v.C.
8.Arad 725 v.C.
9.Yabneh Yam 630-600 v.C.
10.Tell el Hesi 7e eeuw v.C.

8.2.Inscriptions sigillaires              
      ouest‑semitiques II  P.Bordreuil       SYRIA LII 1975 blz 108


Voor, tijdens en na de Feniciërs.
Nog voor de Feniciërs, Kanaänieten en zelfs voor de Egyptenaren waren er andere diverse beschavingen, die de grondslag legden voor verdere ontwikkelingen:
* Aleppo is met Mari en Alalakh één van de oudste Syrische steden. 
* De eerste beschaving wordt wel die van de Soemeriërs genoemd. De plaquette van Ur-Nanshe (AO 2783) en een relief, waarbij een leeuw een stier aanvalt (AO 201) zijn er een paar voorbeelden van. De kunst van ivoorbewerking schijnt hier tot ontplooiing te zijn gekomen.
* Sukas is een plaats tussen Arvad en Ugarit op de Syrische kust in de kustvlakte van Djeblé. De Grieken en de Feniciërs gaan hier in het 1e millennium v.C. hun intrede doen, maar de nederzettingen bestond al ver daarvoor. Een tijdstabel geeft enig inzicht in relatie met andere nederzettingen uit die tijden.
Vroeg lokaal Neolithisch – Ras Shamra V A – Byblos neo oud = 5700-5200 v.C.
Midden lokaal Neolithisch – Tell Ard Tlaili –Byblos neo oud = 5200-4500 v.C.
Laat lokaal Neolitisch – Ras Shamra IV – Byblos neo midden = 4500-4100 v.C.
H i a a t
Lokaal Chalcolitisch – Ras Shamra III B = vanaf 4000 v.C.



Aan de andere kant is er na de Fenicische beschaving in de Levant minstens zoveel te melden:
* Henry Seyrig publiceerde in 1973 na Chr. opnieuw een schat van 48 Seleukidische munten. Die waren reeds in 1759 na Chr. door een Syrische boer gevonden nabij Latakia en door Pellerin 3 jaar later gepubliceerd. Seyrig voegt er nog twee schatten en wat andere kleinere vondsten aan toe:
-       38 tetradrachmen, die in 1905 na Chr te Brussel opdoken (catalogus Ch.Dupriez);
-       86 munten uit de periode 1921 – 1972 na Chr., die goeddeels uit Aradus en Ibrid en omgeving kwamen.
-       Ayaz-In + Cilicië;
-       Diarbakir;
-       Bagdad.
De munten komen uit de periode 240 v.C – 65 na Chr. Het beslaat de regeringen van Antiochos III, Ptolemeus Soter, Byzantius, Eumenes II. We zien in de munten de tweedeling van de Levant tussen Egypte en Seleucië naar voren komen. De Fenicische steden gaan op een gegeven ogenblik hun eigen lokale type munten weer slaan. Het schijnt, dat Henri Seyrig midden in zijn omvangrijke werk voor de laatste gang werd opgeroepen, aangezien vanaf pagina 52 van zijn werk nog correcties moesten worden doorgevoerd.

* Baalbek heeft een schat aan oudheidkundige monumenten. De tempel van Jupiter helipolitanus en Bacchus en het theater zijn er prachtige voorbeelden van. Toch staan diverse monumenten op het punt van dramatisch verval, zoals de rij van de ‘zes kolommen’.  En dan te bedenken, dat nog veel niet is opgegraven. De gids van Maurice Chebab geeft een goed inzicht in de schatkamer aan oudheden.

* Dura-Europos is een typische stad op de grens van twee culturen. Parthen en Romeinen drukken hun stempel op deze eerder Helleense stad in Mesopotamië. De stad werd tegen 300 v.C gesticht door Nikator, generaal van Seleucos I.
Tussen 1922 en 1937 na Chr. werden vele opgravingen verricht.

Tijdens de Feniciërs:

In Ibiza is een terracotta teruggevonden, waarin de mannelijke figuur met zijn opgeven hand een teken maakt. Het beeldje gelijkt sterk op dat van de Baäl te Thinissut in Tunesië. Hier ook de opgeheven hand en verschillende bijkomende ornamenten. In Ibiza is ook een beeldje gevonden van een vrouw in een jurk vol ornamenten met een diadeem en oorbellen. Dit beeldje gelijkt zeer op de z.g. ‘dame van Elche’. Er worden zelfs relaties met vondsten uit het Nabije Oosten gelegd.



8.3.Bibliographie                          SYRIA LII 1975 blz 139
    ‑Trésors du Levant      H.Seyrig
    ‑Alep .....                      S.Souaf
    ‑The first Civilisation D.Schmandt‑Besserat
    ‑Sukas III                     P.J.Riis + H Thrane
    ‑Hazor ......                  Y.Yadin
    ‑Gezer II ....                W.G.Drever + e.a.
    ‑...Baalbek ...              M.Chebab
    ‑...Dura Europos        A.Perkins
    ‑...Ibiza...                    J.M.Blazquez
   
Hatra.
Een plaats Barmarên in Irak bevat diverse stenen met Arabische teksten vanuit de Oudheid. Op één daarvan wordt ons gevraagd, dat Zabdai, de schrijver, herinnerd zal worden. Zowel in dit Arabisch als in het Fenicisch wordt ‘de schrijver’aangeduid met: SPR’. Er zijn meer overeenkomsten, zoals koning (MLK), huid (BYTH), jaar (ŠNT), zoon (BN), leven (HY) enz. De godheid Baälshamên (B´LŠMYN) heeft er zijn eigen tempel en die komt ook bij de Feniciërs voor. De inscripties zijn te dateren tussen 100 en 400 na Chr. De streek moet gelegen zijn tussen de rivieren Kahbour, Tigris en Mésène. Het koninkrijk Hatra strekte zich uit in de woestijd tussen Bagdad, Oshroène, Meskénè, Tella en Nisibe.

8.4.Remarques sur les inscriptions
       hatréennes III                           B.Aggoula         SYRIA LII 1975 blz 181


Wat epigrafische uitkomsten.
Het tijdschrift SYRIA bevat bij zowat elke aflevering een apart hoofdstuk over inscripties. Hierbij een greep uit de vele mededelingen:
-       De protokanaänietische inscripties uit de 12e-11e eeuw v.C. (scherf Manahat).
-       Het Ammonietisch schrift komt naar voren in de inscripties van Tell Siran (ca.600 v.C) en de citadel van Amman (ca.850 v.C).
-       De Grieken gebruiken het woord PHOENIX om er het land mee aan te duiden, waar zij de alfabetische (rode) letters vandaan haalden en waarbij de legendaire Cadmus een rol gespeeld zou hebben.
-       Het teken van ‘Tanit’ komt voor in de Tell ‘Akko met de aanhef Phanébalos (=gezicht van Baäl). De kans is vrij groot, dat het teken vanuit het oosten komt en niet in de Punische landen werd ‘uitgevonden’.
-       Een Griekse inscriptie uit Amman luidt als volgt: Maphtan, zoon van Diogenes, gymnasiarch voor twee dagen in het leven en opwekker van Héraklès, raadgever  en …., de senaat en het volk als eerbetoon. Zo’n zelfde functie komt voor bij de Feniciërs, waarbij Melqart in de maand Peritios voor een ‘opwekker’ tot leven wordt gebracht.
-       De cultus van EL komt naar voren in diverse inscripties op diverse plaatsen:
Karatepe     ’l qn ’rs.
Leptis Magna ’l qn ’rs.
Palmyra      ’lqwnr‘
Sfiré            ’l w‘lyn
Zincirli     ’l
-       De Feniciërs hadden een cultus t.a.v. Harpokrates. In het Brits museum bevindt zich een beeld van Harpokrates met daarop o.a. de Fenicische naam ‘h.rpkrt.’

8.5.Bulletin d'epigrapie semitique         SYRIA LII 1975 blz 262
    ‑Red Letters......              G.P.+R.B.Edwards
    ‑The Object Pronouns.   C.Krahmalkov
    ‑Kilikië
    ‑Philo van Byblos...         J.Barr
    ‑A Sign of Tanit               M.Dothan
    ‑Astarte                            J.Leclant
    ‑Athtar/'Ashtar                G.Garbini
    ‑Ashtart                           M.H.Fantar
    ‑Textes Ougaritiques      A.Caquot e.a.
    ‑Moneta Ibicenza            E.Acquaro
    ‑Byblos......                     F.M.Cross/P.K.McCarter, W.Röllig,  S.Yeivin
    ‑Terracottas punicas      J.M.Blazquez
    ‑House of Baal..             Y.Yadin
    ‑Sidon                             E.Lipinski
    ‑Karatepe                       E.Lipinski
    ‑Zincirli                          E.Lipinski
    ‑Arslan Tash                  W.Röllig
    ‑Nimrud                         W.Röllig
    ‑Kition                            M.G.Guzo Amadasi
    ‑Salamis                         N.Avigad e.a.
    ‑Nora                             F.Cross
    ‑Pithekoussai                 P.K.McCarter
    ‑Milk'astarte                  M.Delcors/E.Lipinski
    ‑Tas Silg                        M.G.Guzzo Amadasi
    ‑Mactar                         A van den Branden


Handel en wandel in de oudste Oudheid.
Omstreeks 2000 v.C. moet er een uniforme cultuur zijn geweest rond de Perzische golf. Deens archeologen hebben in de winter van 1953/54 na Chr. verschillende opgravingen verricht te Bahrein, Qatar, Abu Clhalbi en Failaka. De streek rond de Perzische golf stond in contact met Mesopotamië en de Indus-vallei (Meluchcha). Bahrein (Tilmun) was bij uitstek het tussenstation. De landingsplaats hier was in een baai bij de kaap Djebel Duchan. Zelf heeft het eiland niets te bieden, maar de gevonden nederzetting was stedelijk van aard. Op het eiland Umm an-Nar voor de kust van Abu Dhabi zijn graven gevonden met daarin Indische voorwerpen.
In 1960 na Chr.ondernemen Amerikaanse onderzoekers een tovht langs de kusten van de Perzische golf en vinden twee nederzettingen uit die tijd:
-       Sutkagen Dor bij Dasht;
-       Sotka-Koh bij Pasni.
Beide plaatsen bevinden zich nu in het Iraans/Pakistaanse grensgebied.
Koper, hout, dioriet, kornalijn, goud, dadels en steatiet waren belangrijke producten om te verschepen en te verhandelen. Vanuit Failaka ging met langs de Arabische kust tot Bahrein. Daar stak men over via Umm an-Nar naar de Perzische kust om oostwaarts de Indus-vallei te kunnen bereiken. Andersom nam men oveneens bij voorkeur deze route. Het land Magan lijkt te liggen in wat we nu Oman noemen. Hier kwam o.a. de zwarte steen (dioriet) vandaan, die Gudea van Lagash (ca.2144-2124 v.C) liet gebruiken voor de vervaardiging van beelden. Het is echter het rijk van Ur, dat een belangrijke rol heeft gespeeld in de ontwikkeling van deze handel. Bovendien werd de handel nu ook naar het noord en westen ontplooid. De stad Ebla (Tell Mardikh) krijgt een grote betekenis in de periode 2400-2250 v.C. Via Gubla/Byblos (cederhout) werd contact gelegd met Egypte. We treffen daar lapislazuli aan, dat afkomstig was uit Afghanistan.
In de 16e eeuw v.C. verwoest de vulkaanuitbarsting van Thera met de daarbij behorende vloedgolf de hoge cultuur van de Kretenzers. Kreta had in die tijd al nauwe betrekkingen met een andere grote handelsplaats in het Nabije Oosten: Ugarit. Na Kreta neemt Mycene die rol over. De handelsproducten waren vooral olie, slaven, wijn, maar vooral koper. Op Cyprus komt de koperindustrie tussen 1575 – 1050 v.C. tot grote bloei. Tin kwam uit het westelijke Middellandse zeegbied en barnsteen kwam uit het noorden. Het scheepswrak van Gelidonya (in 1958 na Chr.gevonden) geeft een goed inzicht van de vervoerde producten: koperbaren (60x45cm), rechthoekige tinstaven, glaskralen, gereedschap, scarabees en keramiek. Het schip stamt uit ca.1200 v.C.
De storm van de zeevolken vaagt omstreeks 1200 v.C. vele betrekkingen, handelswegen en steden weg. De Feniciërs staan klaar om in het gat in de markt te springen. Hier vindt ook een enorme opleving van de ijzerindustrie plaats. Na 1000 v.C. ontstaat er contact tussen Zuid-Arabië en de Levant. Tyrische vaklui bouwen en bemannen schepen in Elat. In Ophir worden zaken gehaald als goud, ebbenhout, zilver, apen, pauwen. Het is ook de tijd, dat de kameel wordt geintroduceerd als transportmiddel.
De havens van de Feniciërs komen tot een enorme ontplooiing. In Sidon konden meer dan 100 schepen tegelijk ankeren. In Tyrus kwam een golfbreker van 225 meter tot stand om de schepen te behoeden voor de NW winden. De producten van Fenicië zijn de landbouwproducten (olijven, vijgen, graan), de  glas- en purperfabricage en het hout. En dat alles werd in vrachtscheepjes getransporteerd van ten hoogste 250 ton, waarbij per dag ca.30 zeemijlen werden afgelegd.

8.6.Handel und Händler   H.Klengel          Leipzig 1979
           






Mauretanië 1.

Huidige naam klassieke naam             Fenicisch    Carthaags    Romeins
========================================================
Alcazarouivir                     x            x            x
Larache             LIXUS               x            x            x
             TABERNAE            x            x            x
Arcila       ZILIS               x            x            x
             AD MERCURI          x            x            x
Cabo Espartel PROM.AMPELUSIA
Tanger       TINGIS              x            x            x
El Barch                                       x            x
Punta Mares  PROM.ALBUM
Punta Ferdina AD SEPTEM FRATRES
Benzu        VALONE              x            x            x
Ceuta        AD ABILEM                                      x
             AD AQUILAM MINOREM
Rauoia                           x            x
Cabo Negra   AD AQUILAM MAIOREM

Rio Martin   TAMUDA FLUMEN

Tetuan       TAMUDA              x            x            x
Cabo Mazari  PROM.BARBARI
Oad Lau             LAUD PLUMEN         x            x            x
Ras Targa                        x            x            x
Dar Akeba                                      x            x
Bihamel             TAENIA LONGA        x            x            x
Maaden                           x            x            x
Taasa                            x            x            x
Punta Pescadores COBUCLA          x            x            x
Mestasa                                 x            x            x
Cabo Tris                        x            x            x
Penon de Velez                          x            x            x
             PROM.TORIUM
Alumecas     AD SEX INSULAS             x            x            x
Einzo/Afran/Sidi Dris                   x            x            x
Punta Negra  CAZAZA              x            x            x

Cabo Tres Forcar PROM.RUSADDIR

Melilla             RUSADDIR            x            x            x

Mar Chica                                      x

Chafarinas   AD TRE INSULAS             x            x            x
Muluya       MULUCHA MALYA FLUMEN


LIXUS???



JWT10


JWT2


JWT3







Bovenstaand overzicht is samengesteld op basis van de kaart van Cesar Luis de Montalban. Hij stelde dit op in de 19e eeuw na Chr. toen De Rif nog Spaans gebied was (1933 na Chr.). De plaatsen zijn vermeld van zuid naar noord en van west naar oost. De meeste van de 28 plaatsen liggen aan de zee. Van 7 plaatsen kan gezegd worden, dat het echte blijvende nederzettingen zijn. De overigen zijn in ieder geval vindplaatsen. Het is opmerkelijk, dat Ceuta door Montalban niet als nederzetting van de Feniciërs wordt aangegeven, daar waar de lokatie toch typisch Fenicisch genoemd kan worden. Er is hier kennelijk nog veel archeologisch werk te doen.


8.7.Mapa arqueologico    C.L de Montalban   1933
      de la zona del
      protectorado de
      Espana en Marruec        {Melilla,Cazaza,Alucemas,Tanger,Valonae,
                                              Ceuta,Arcila,Larache,Tetuan,Laud Plumen,
                                              Cabo Tris,Cobucla,Taenia Longa,Parietina}


Mauretanië 2.
Op basis van geografische en geologische kaarten zijn de vermoedelijke vestigingsplaatsen van de Feniciërs goed op te sporen. Daarbij zijn in ieder geval volgens Cintas de volgende voorwaarden in acht te nemen:
1.een drinkplaats;
2.een visrijke rivier;
3.heuvels;
4.zandige oever om te kunnen debarkeren.
Voorts moet men letten op kapen of zoutmeren. Echte natuurlijke havens zijn niet strict noodzakelijk, want de Feniciërs trokken hun schepen gewoon op het strand.

De volgende plaatsen (van noord naar zuid aan de Atlantische kust van Marokko) hebben een verleden uit de Oudheid:
- Tanger:
Het Tingis uit de Punische tijd met inscripties uit de 4e eeuw v.C.
- Cap Spartel:
Op 4 km ten zuiden van de kaap bevinden zich de ‘Grotten van Hercules’ met o.a. een Punisch graf (eind 6e eeuw v.C).
- Ad Mercuri:
Voornamelijk Romeins, maar toch ook enige Fenicische en Carthaagse vondsten.
- Arcili:
Het ZILIS uit de Oudheid met Punische keramiekscherven.
- Tchemmich:

LIXOS. De complete nederzetting is duidelijk zichtbaar.

Fenicisch uit de 6e eeuw v.C. Grieks aardewerk uit de 5e eeuw v.C. Punische vondsten uit de 4e eeuw v.C. De traditionele stichting wijst naar ca.1100 v.C. Een scarabee met het teken ‘nb’ (=Nebmare) verwijst naar Amenophis III (1405-1370 v.C), maar het voorwerp moet veel later op deze plaats terecht zijn gekomen.

- Moulay Bouselham/Oualidia:
Er is een vebinding met zee via de Merdja Ez Zerga en de Merdja Ras ed Daoura. De necropool bevat enige mausolea en werd zowel door de Puniërs, als door de Romeinen en Mohammedanen gebruikt. Er is veel Romeinse keramiek teruggevonden en een enkel laat-Carthaags voorwerp.
- Estuarium van de Oued Bou-Regreg:
In Rabat/Salé werd niets gevonden, maar de lokatie is te gunstig om over het hoofd gezien te worden. In Chella zijn wel preromeinse scherven gevonden (3e eeuw v.C) en onder de boulevard Reine ligt een necropool uit de 2e eeuw v.C. Een lamp en fles zijn vanuit de 1e eeuw v.C.
- Azemmour:
Op de linkeroever van de rivier is Romeins geld  en zijn Romeinse graven gevonden. Ten zuiden hiervan zijn enige muren en graven aanwezig van een gepuniseerde bevolking. Vondst van potscherven en een fles.
- Mazagan/El Djedida:
Ten zuiden van deze plaats ligt Tit. Hier zijn neopunische graven teruggevonden. De plaats is RUSIBIS, zoals Plinius die noemt in Hist.Nat.V.9.
- Cap Cantin:
Dit is SOLOEIS vanuit het bericht van Hanno. Op de top van de ‘falaise’ bevindt zich een Punische onderaardse kamer.
- Djorf el Youdi:
Hier is de voet van een beeld gevonden en is waarschijnlijk van Punische makelij.
- Haha:
Aan de Cap Rhir is Punische keramiek uit de 3e eeuw v.C. aangetroffen en bovendien enig Iberische geometrische keramiek.
- Imsouane:
Aanwezigheid van Punische keramiek.
- Mogador:
Veel Punische keramiek. Punische inscripties, bouwwerken en haveninstallaties.

Er werd niets gevonden te Mehedia, Le Rharb, Zaer-Chaouia, Salé, Doukala, Abda, Safi, Souira-Kedima,  Cap Sim, Oued Draa, Cap Tafelney, Sous. Toch zijn dit plaatsen, die in aanmerking kunnen komen.

8.8.Contribution a l'étude de
       l'expansion carthaginoise                               P.Cintas    
       insititut des hautes‑études  au Maroc
       marocaines LVI
                             Moulay Bouselham,Méhédia,Salé,Le Rharb,
                             Zaer Chaouia,Azemmour,Mazagan,Djorf el

                             Youdi,Haha,Cap Sim,Sous,Mogador}

Geen opmerkingen:

Een reactie posten