Ringmap 8
titel naam plaats/bron
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
8.1.Les textes d'emar
D.Arnaud SYRIA LII 1975 blz 88
Aantekeningen incl. een
opmerking Adonisfeest
8.2.Inscriptions
sigillaires Aantekeningen +
ouest‑semitiques II
P.Bordreuil SYRIA LII 1975
blz 108
8.3.Bibliographie SYRIA LII 1975 blz
139
8.3.1.Trésors du
Levant H.Seyrig
8.3.2.Alep ..... S.Souaf
8.3.3.The first
Civilisation D.Schmandt‑Besserat
8.3.4.Sukas III P.J.Riis + H Thrane
8.3.5.Hazor ...... Y.Yadin
8.3.6.Gezer II .... W.G.Drever + e.a.
8.3.7...Baalbek ... M.Chebab
8.3.8…Dura Europos A.Perkins
8.3.9....Ibiza... J.M.Blazquez
8.3.10.Les Pré-écritures… M.Gorce
8.3.11.30e
Archeologische conventie 1972, Jeruzalem 1973.
a.Excavation at Sechem and
Mt.Gerazim
b.The
Camp in Shiloh
c.The
Ivory House which Ahab built
d.Biblical
Traditions on the Early History of the Samaritans
e.The
House of Baal in Samaria and in Judah .
8.3.12.The
Egyptian Civil Year, W.M.O’Neil, Sydney
1973.
8.4.Remarques sur les inscriptions
hatréennes
III B.Aggoula SYRIA LII 1975 blz 181
8.5.Bulletin d'epigrapie semitique SYRIA LII 1975 blz 262
8.5.2.Le iscrizione protocanaiche del XII e XI secolo a.C
8.5.4.evolutie letter T. in Fenicisch e.d.
8.5.8.Red
Letters...... G.P.+R.B.Edwards
8.5.11.The
Object Pronouns. C.Krahmalkov
8.5.35.Kilikië
8.5.37.La Tour de Qalaat
Fakra: Ptolemais-pllmy (fen)
8.5.38.Kanaänieten in Mari-brief
8.5.41.Voorkomen van Harpocrates
8.5.42.Cultus van EL
8.5.43.Astarte J.Leclant
8.5.44.Athtar/'Ashtar G.Garbini
8.5.45.Ashtart M.H.Fantar
8.5.46.B*l
kr te Sidon
8.5.47.Die
Religion Altsyrien
8.5.48.Philo
van Byblos... J.Barr
8.5.49.A
Sign of Tanit M.Dothan
8.5.50.Melqart e Sid fra
Egitto e Sardegna
8.5.51.Textes
Ougaritiques A.Caquot e.a.
8.5.71.Moneta
Ibicenza E.Acquaro
8.5.72.Taw (7e
eeuw v.C)
8.5.76.Bersabée met een bet(10e eeuw) en
een taw (9/8e eeuw)
8.5.78.A
Sign of Tanit from Tel Akko
8.5.80.Malta met “h.b”
8.5.82.Mozia (aleph)
8.5.83.Tamassos
(shin)
8.5.108.Two
Archaic Inscriptions on Clay Objects from Byblos......Abda, zoon van KLBY, de pottenbakker
(c.900 v.C) F.M.Cross/P.K.McCarter
8.5.109.Byblos. Behorend aan Abdhamon (12-10e
eeuw)
8.5.110.Byblos. Behorend aan Ahias, zoon van Bodi.
8.5.111.The
Spatula Inscription from Byblos
8.5.112.Eine
Neue Phoeniziche Inschrift aus Byblos
8.5.113.Byblos.
Eduth bij yh.wmlk
8.5.114.From
Karatepe to Pyrgi
8.5.115.Karatepe / Azitawaddu
8.5.116.Zincirli / Kilamuwa
8.5.117.Arslan Tash / amuletten
8.5.118.Arslan
Tash: Proposte sul secundo incantesimo
8.5.119.Arslan Tash: ‘p krs’=de facade van de troon
8.5.120.Nimrud: ivoren broche
8.5.121.Kition: RES 1208
8.5.122.Salamis: ostracon 4e eeuw, aan
Abdeshmun
8.5.123.Salamis: amfoor
8.5.124.Harpokrates in het Brits Museum
8.5.125.Nora: oudste inscriptie
8.5.126.Pithekoussai: A Phoenician Graffito
8.5.127.Pyrgi: hieros gamos Melkart Grote bespreking.
Pun.
8.5.128.Tas Silg. l*štrt
Pun.
8.5.129.Tas Silg. ]mlk *štr[l 4e eeuw
Pun.
8.5.130.Krakow: 6 Punische stèles. Pun.
8.5.131.Mactar. NP KAI 145
8.5.132.Lachish. Een koning van Qedar. Fen/Kan qua
taal, maar Aram qua schrift
W.Röllig
S.Yeivin
‑Terracottas
punicas J.M.Blazquez
‑House of Baal.. Y.Yadin
‑Sidon E.Lipinski
‑Karatepe E.Lipinski
‑Zincirli E.Lipinski
‑Arslan Tash W.Röllig
‑Nimrud W.Röllig
‑Kition M.G.Guzo Amadasi
‑Salamis N.Avigad e.a.
‑Nora F.Cross
‑Pithekoussai P.K.McCarter
‑Milk'astarte M.Delcors/E.Lipinski
‑Tas
Silg M.G.Guzzo Amadasi‑Mactar A van den Branden
8.6.Handel und
Händler H.Klengel Leipzig 1979
Aantekeningen, kaarten
+
voornaamste blz.
8.7.Mapa
arqueologico C.L de Montalban 1933
de la zona del
protectorado de
Espana en Marruec
{Melilla,Cazaza,Alucemas,Tanger,Valonae,
Ceuta,Arcila,Larache,Tetuan,Laud
Plumen,
Cabo
Tris,Cobucla,Taenia Longa,Parietina}
8.8.Contribution a l'étude de
l'expansion
carthaginoise P.Cintas insititut des
hautes‑études
au Maroc marocaines LVI
Moulay
Bouselham,Méhédia,Salé,Le Rharb,
Zaer
Chaouia,Azemmour,Mazagan,Djorf el
Youdi,Haha,Cap
Sim,Sous,Mogador}
[Aantekeningen, voornaamste
blz,foto's]
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
Marokko‑map.
Veel gegevens
uit tijdschrift SYRIA
Studie van Montalban is gedateerd, maar bijzonder door de détails
Hoofdstuk 8.
Over schrijvers, handelaren,
zeevaarders tot aan Mauretanië toe.
-----------------------------------------------------------------------------
Rondom 1200 v.C.
Het is de tijd van de invallen door de Zeevolken in
het Nabije Oosten. Het is de tijd van de strijd om Troje. Het is ook de tijd
van ineenstorting van Emar, ofwel Meskéné. De stad werd vernietigd in het 2e
jaar van de regering van Mekšihu. De koninklijke familie bevatte personen met namen, die bij de
Kanaänieten voorkomen.
Iasi-Dagan
|
Ba´ala-Kabar
|
---------------------------------------------------
| | | |
Zu-Aštarte Abbaru
Pilsu-Dagan Bisu-Dagan
|
Elli
Bij deze andere families worden de schrijvers
expliciet genoemd, zoals Abi-kapi, Iš-Dagan en Ea-Mudammiq. Een familie
Zu-Ba´ala is gelieerd met Mursili II, de Hettiet. Nog meer namen zijn uit de
gevonden teksten overgeleverd en daaruit blijkt, dat de drie laatste generaties
vermeld worden van vlak voor de ramp van 1187 v.C.
8.1.1..Les textes d'emar D.Arnaud SYRIA LII 1975 blz 88
et
la chronologie de la fin du bronze récent
Feest van Adonis.
Dit was een populair feest in Fenicië en vooral rond
Byblos en Afqa.
Het bevatte vier fasen:
1.Voorbereidingen voor het feest;
2.eerste dag: dageraad van de begrafenis met
weeklagende vrouwen;
3.tweede dag: Processie naar de zee en bij
terugkomst de rituele invitatie;
4.Heropstanding van Adonis.
De held raakt bij de jacht dodelijk gewond. Zijn
bloed kleurt de rivier bij Afqa dan ook elk seizoen weer rood.
8.1.2. Le rituel des Adonies E.Will SYRIA LII 1975
West-Semietische zegel-inscripties.
Op een Hebreeuws stempel vanuit de 2e
helft van de 8e eeuw v.C. staat te lezen:
lm’š // bn.mnh.//hspr = Aan m’š, zoon van mnh, de
schrijver. De herkomst is onbekend, maar het stempel werd verworven in Iran. De
Hebreeuwse letters uit die gelijken zeer op de Fenicische. Andere soortgelijke
vondsten:
1.Murabaal 750 v.C.
2.Hazor 735 v.C.
3.Samaria 725 v.C.
4.Megiddo 8e eeuw v.C.
5.Palestina 8e of 7e eeuw .vC.
6.Jeruzalem 7e of 6e eeuw v.C.
7.Lakish 7e of 6e eeuw v.C.
8.Arad 725 v.C.
9.Yabneh Yam 630-600 v.C.
10.Tell el Hesi 7e eeuw v.C.
8.2.Inscriptions sigillaires
ouest‑semitiques
II P.Bordreuil SYRIA LII 1975 blz 108
Voor, tijdens en na de Feniciërs.
Nog voor de Feniciërs, Kanaänieten en zelfs voor de
Egyptenaren waren er andere diverse beschavingen, die de grondslag legden voor
verdere ontwikkelingen:
* Aleppo is met Mari en Alalakh één van de oudste
Syrische steden.
* De eerste beschaving wordt wel die van de Soemeriërs
genoemd. De plaquette van Ur-Nanshe (AO 2783) en een relief, waarbij een leeuw
een stier aanvalt (AO 201) zijn er een paar voorbeelden van. De kunst van
ivoorbewerking schijnt hier tot ontplooiing te zijn gekomen.
* Sukas is een plaats tussen Arvad en Ugarit op de
Syrische kust in de kustvlakte van Djeblé. De Grieken en de Feniciërs gaan hier
in het 1e millennium v.C. hun intrede doen, maar de nederzettingen
bestond al ver daarvoor. Een tijdstabel geeft enig inzicht in relatie met
andere nederzettingen uit die tijden.
Vroeg lokaal Neolithisch – Ras Shamra V A –
Byblos neo oud = 5700-5200 v.C.
Midden lokaal Neolithisch – Tell Ard Tlaili
–Byblos neo oud = 5200-4500 v.C.
Laat lokaal Neolitisch – Ras Shamra IV –
Byblos neo midden = 4500-4100 v.C.
H i a a t
Lokaal Chalcolitisch – Ras Shamra III B =
vanaf 4000 v.C.
Aan de andere kant is er na de Fenicische beschaving in
de Levant minstens zoveel te melden:
* Henry Seyrig publiceerde in 1973 na Chr. opnieuw een
schat van 48 Seleukidische munten. Die waren reeds in 1759 na Chr. door een Syrische
boer gevonden nabij Latakia en door Pellerin 3 jaar later gepubliceerd. Seyrig
voegt er nog twee schatten en wat andere kleinere vondsten aan toe:
- 38 tetradrachmen, die in
1905 na Chr te Brussel opdoken (catalogus Ch.Dupriez);
- 86 munten uit de periode
1921 – 1972 na Chr., die goeddeels uit Aradus en Ibrid en omgeving kwamen.
- Ayaz-In + Cilicië;
- Diarbakir;
- Bagdad.
De munten komen uit de periode 240 v.C – 65 na Chr.
Het beslaat de regeringen van Antiochos III, Ptolemeus Soter, Byzantius,
Eumenes II. We zien in de munten de tweedeling van de Levant tussen Egypte en
Seleucië naar voren komen. De Fenicische steden gaan op een gegeven ogenblik
hun eigen lokale type munten weer slaan. Het schijnt, dat Henri Seyrig midden
in zijn omvangrijke werk voor de laatste gang werd opgeroepen, aangezien vanaf
pagina 52 van zijn werk nog correcties moesten worden doorgevoerd.
* Baalbek heeft een schat aan oudheidkundige
monumenten. De tempel van Jupiter helipolitanus en Bacchus en het theater zijn
er prachtige voorbeelden van. Toch staan diverse monumenten op het punt van
dramatisch verval, zoals de rij van de ‘zes kolommen’. En dan te bedenken, dat nog veel niet is
opgegraven. De gids van Maurice Chebab geeft een goed inzicht in de schatkamer
aan oudheden.
* Dura-Europos is een typische stad op de grens van
twee culturen. Parthen en Romeinen drukken hun stempel op deze eerder Helleense
stad in Mesopotamië. De stad werd tegen 300 v.C gesticht door Nikator, generaal
van Seleucos I.
Tussen 1922 en 1937 na Chr. werden vele opgravingen
verricht.
Tijdens de Feniciërs:
In Ibiza is een terracotta teruggevonden, waarin de
mannelijke figuur met zijn opgeven hand een teken maakt. Het beeldje gelijkt
sterk op dat van de Baäl te Thinissut in Tunesië. Hier ook de opgeheven hand en
verschillende bijkomende ornamenten. In Ibiza is ook een beeldje gevonden van
een vrouw in een jurk vol ornamenten met een diadeem en oorbellen. Dit beeldje
gelijkt zeer op de z.g. ‘dame van Elche’. Er worden zelfs relaties met vondsten
uit het Nabije Oosten gelegd.
8.3.Bibliographie SYRIA LII 1975 blz
139
‑Trésors du Levant H.Seyrig
‑Alep ..... S.Souaf
‑The first Civilisation D.Schmandt‑Besserat
‑Sukas III P.J.Riis + H Thrane
‑Hazor ...... Y.Yadin
‑Gezer II .... W.G.Drever + e.a.
‑...Baalbek ... M.Chebab
‑...Dura Europos A.Perkins
‑...Ibiza... J.M.Blazquez
Hatra.
Een plaats Barmarên in Irak bevat diverse stenen met
Arabische teksten vanuit de Oudheid. Op één daarvan wordt ons gevraagd, dat
Zabdai, de schrijver, herinnerd zal worden. Zowel in dit Arabisch als in het
Fenicisch wordt ‘de schrijver’aangeduid met: SPR’. Er zijn meer overeenkomsten,
zoals koning (MLK), huid (BYTH), jaar (ŠNT), zoon (BN), leven (HY) enz. De
godheid Baälshamên (B´LŠMYN) heeft er zijn eigen tempel en die komt ook bij de
Feniciërs voor. De inscripties zijn te dateren tussen 100 en 400 na Chr. De
streek moet gelegen zijn tussen de rivieren Kahbour, Tigris en Mésène. Het
koninkrijk Hatra strekte zich uit in de woestijd tussen Bagdad, Oshroène,
Meskénè, Tella en Nisibe.
8.4.Remarques sur les inscriptions
hatréennes III
B.Aggoula SYRIA LII 1975
blz 181
Wat epigrafische uitkomsten.
Het tijdschrift SYRIA bevat bij zowat elke
aflevering een apart hoofdstuk over inscripties. Hierbij een greep uit de vele
mededelingen:
- De protokanaänietische
inscripties uit de 12e-11e eeuw v.C. (scherf Manahat).
- Het Ammonietisch schrift
komt naar voren in de inscripties van Tell Siran (ca.600 v.C) en de citadel van
Amman (ca.850 v.C).
- De Grieken gebruiken het
woord PHOENIX om er het land mee aan te duiden, waar zij de alfabetische (rode)
letters vandaan haalden en waarbij de legendaire Cadmus een rol gespeeld zou
hebben.
- Het teken van ‘Tanit’ komt
voor in de Tell ‘Akko met de aanhef Phanébalos (=gezicht van Baäl). De kans is
vrij groot, dat het teken vanuit het oosten komt en niet in de Punische landen
werd ‘uitgevonden’.
- Een Griekse inscriptie uit
Amman luidt als volgt: Maphtan, zoon van
Diogenes, gymnasiarch voor twee dagen in het leven en opwekker van Héraklès,
raadgever en …., de senaat en het volk
als eerbetoon. Zo’n zelfde functie komt voor bij de Feniciërs, waarbij
Melqart in de maand Peritios voor een ‘opwekker’ tot leven wordt gebracht.
- De cultus van EL komt naar
voren in diverse inscripties op diverse plaatsen:
Karatepe ’l
qn ’rs.
Leptis Magna ’l
qn ’rs.
Palmyra ’lqwnr‘
Sfiré ’l
w‘lyn
Zincirli ’l
- De Feniciërs hadden een
cultus t.a.v. Harpokrates. In het Brits museum bevindt zich een beeld van
Harpokrates met daarop o.a. de Fenicische naam ‘h.rpkrt.’
8.5.Bulletin d'epigrapie semitique SYRIA LII 1975 blz 262
‑Red Letters...... G.P.+R.B.Edwards
‑The Object Pronouns. C.Krahmalkov
‑Kilikië
‑Philo van Byblos... J.Barr
‑A Sign of Tanit M.Dothan
‑Astarte J.Leclant
‑Athtar/'Ashtar G.Garbini
‑Ashtart M.H.Fantar
‑Textes Ougaritiques A.Caquot e.a.
‑Moneta Ibicenza E.Acquaro
‑Byblos...... F.M.Cross/P.K.McCarter,
W.Röllig, S.Yeivin
‑Terracottas punicas J.M.Blazquez
‑House of Baal.. Y.Yadin
‑Sidon E.Lipinski
‑Karatepe E.Lipinski
‑Zincirli E.Lipinski
‑Arslan Tash W.Röllig
‑Nimrud W.Röllig
‑Kition M.G.Guzo Amadasi
‑Salamis N.Avigad e.a.
‑Nora F.Cross
‑Pithekoussai P.K.McCarter
‑Milk'astarte M.Delcors/E.Lipinski
‑Tas Silg M.G.Guzzo Amadasi
‑Mactar A van den Branden
Handel en wandel in de oudste Oudheid.
Omstreeks 2000 v.C. moet er een uniforme cultuur
zijn geweest rond de Perzische golf. Deens archeologen hebben in de winter van
1953/54 na Chr. verschillende opgravingen verricht te Bahrein, Qatar, Abu
Clhalbi en Failaka. De streek rond de Perzische golf stond in contact met
Mesopotamië en de Indus-vallei (Meluchcha). Bahrein (Tilmun) was bij uitstek
het tussenstation. De landingsplaats hier was in een baai bij de kaap Djebel
Duchan. Zelf heeft het eiland niets te bieden, maar de gevonden nederzetting
was stedelijk van aard. Op het eiland Umm an-Nar voor de kust van Abu Dhabi
zijn graven gevonden met daarin Indische voorwerpen.
In 1960 na Chr.ondernemen Amerikaanse onderzoekers
een tovht langs de kusten van de Perzische golf en vinden twee nederzettingen
uit die tijd:
- Sutkagen Dor bij Dasht;
- Sotka-Koh bij Pasni.
Beide plaatsen bevinden zich nu in het
Iraans/Pakistaanse grensgebied.
Koper, hout, dioriet, kornalijn, goud, dadels en
steatiet waren belangrijke producten om te verschepen en te verhandelen. Vanuit
Failaka ging met langs de Arabische kust tot Bahrein. Daar stak men over via
Umm an-Nar naar de Perzische kust om oostwaarts de Indus-vallei te kunnen
bereiken. Andersom nam men oveneens bij voorkeur deze route. Het land Magan
lijkt te liggen in wat we nu Oman noemen. Hier kwam o.a. de zwarte steen
(dioriet) vandaan, die Gudea van Lagash (ca.2144-2124 v.C) liet gebruiken voor
de vervaardiging van beelden. Het is echter het rijk van Ur, dat een
belangrijke rol heeft gespeeld in de ontwikkeling van deze handel. Bovendien
werd de handel nu ook naar het noord en westen ontplooid. De stad Ebla (Tell
Mardikh) krijgt een grote betekenis in de periode 2400-2250 v.C. Via
Gubla/Byblos (cederhout) werd contact gelegd met Egypte. We treffen daar
lapislazuli aan, dat afkomstig was uit Afghanistan.
In de 16e eeuw v.C. verwoest de vulkaanuitbarsting
van Thera met de daarbij behorende vloedgolf de hoge cultuur van de Kretenzers.
Kreta had in die tijd al nauwe betrekkingen met een andere grote handelsplaats
in het Nabije Oosten: Ugarit. Na Kreta neemt Mycene die rol over. De
handelsproducten waren vooral olie, slaven, wijn, maar vooral koper. Op Cyprus
komt de koperindustrie tussen 1575 – 1050 v.C. tot grote bloei. Tin kwam uit
het westelijke Middellandse zeegbied en barnsteen kwam uit het noorden. Het
scheepswrak van Gelidonya (in 1958 na Chr.gevonden) geeft een goed inzicht van
de vervoerde producten: koperbaren (60x45cm), rechthoekige tinstaven,
glaskralen, gereedschap, scarabees en keramiek. Het schip stamt uit ca.1200
v.C.
De storm van de zeevolken vaagt omstreeks 1200 v.C.
vele betrekkingen, handelswegen en steden weg. De Feniciërs staan klaar om in
het gat in de markt te springen. Hier vindt ook een enorme opleving van de
ijzerindustrie plaats. Na 1000 v.C. ontstaat er contact tussen Zuid-Arabië en
de Levant. Tyrische vaklui bouwen en bemannen schepen in Elat. In Ophir worden
zaken gehaald als goud, ebbenhout, zilver, apen, pauwen. Het is ook de tijd,
dat de kameel wordt geintroduceerd als transportmiddel.
De havens van de Feniciërs komen tot een enorme
ontplooiing. In Sidon konden meer dan 100 schepen tegelijk ankeren. In Tyrus
kwam een golfbreker van 225 meter tot stand om de schepen te behoeden voor de
NW winden. De producten van Fenicië zijn de landbouwproducten (olijven, vijgen,
graan), de glas- en purperfabricage en
het hout. En dat alles werd in vrachtscheepjes getransporteerd van ten hoogste
250 ton, waarbij per dag ca.30 zeemijlen werden afgelegd.
8.6.Handel und Händler H.Klengel Leipzig 1979
Mauretanië 1.
Huidige naam klassieke naam Fenicisch Carthaags Romeins
========================================================
Alcazarouivir x x x
Larache LIXUS x x x
TABERNAE x x x
Arcila ZILIS x x x
AD
MERCURI x x x
Cabo Espartel PROM.AMPELUSIA
Tanger TINGIS x x x
El Barch x x
Punta Mares PROM.ALBUM
Punta Ferdina AD SEPTEM FRATRES
Benzu VALONE x x x
Ceuta AD ABILEM x
AD
AQUILAM MINOREM
Rauoia x x
Cabo Negra AD AQUILAM MAIOREM
Rio
Martin TAMUDA FLUMEN
Tetuan TAMUDA x x x
Cabo Mazari PROM.BARBARI
Oad Lau LAUD PLUMEN x x x
Ras Targa x x x
Dar Akeba x x
Bihamel TAENIA LONGA x x x
Maaden x x x
Taasa x x x
Punta Pescadores COBUCLA x x x
Mestasa x x x
Cabo Tris x x x
Penon de Velez x x x
PROM.TORIUM
Alumecas AD SEX INSULAS x x x
Einzo/Afran/Sidi Dris x x x
Punta Negra CAZAZA x x x
Cabo
Tres Forcar PROM.RUSADDIR
Melilla RUSADDIR x x x
Mar Chica x
Chafarinas AD TRE INSULAS x x x
Muluya MULUCHA MALYA FLUMEN
LIXUS???
JWT10
JWT2
JWT3
Bovenstaand
overzicht is samengesteld op basis van de kaart van Cesar Luis de Montalban.
Hij stelde dit op in de 19e eeuw na Chr. toen De Rif nog Spaans
gebied was (1933 na Chr.). De plaatsen zijn vermeld van zuid naar noord en van
west naar oost. De meeste van de 28 plaatsen liggen aan de zee. Van 7 plaatsen
kan gezegd worden, dat het echte blijvende nederzettingen zijn. De overigen
zijn in ieder geval vindplaatsen. Het is opmerkelijk, dat Ceuta door Montalban
niet als nederzetting van de Feniciërs wordt aangegeven, daar waar de lokatie
toch typisch Fenicisch genoemd kan worden. Er is hier kennelijk nog veel
archeologisch werk te doen.
8.7.Mapa arqueologico C.L de Montalban 1933
de la
zona del
protectorado de
Espana
en Marruec
{Melilla,Cazaza,Alucemas,Tanger,Valonae,
Ceuta,Arcila,Larache,Tetuan,Laud Plumen,
Cabo Tris,Cobucla,Taenia Longa,Parietina}
Mauretanië 2.
Op basis van geografische en geologische kaarten
zijn de vermoedelijke vestigingsplaatsen van de Feniciërs goed op te sporen.
Daarbij zijn in ieder geval volgens Cintas de volgende voorwaarden in acht te
nemen:
1.een drinkplaats;
2.een visrijke rivier;
3.heuvels;
4.zandige oever om te kunnen debarkeren.
Voorts moet men letten op kapen of zoutmeren. Echte
natuurlijke havens zijn niet strict noodzakelijk, want de Feniciërs trokken hun
schepen gewoon op het strand.
De volgende plaatsen (van noord naar zuid aan de
Atlantische kust van Marokko) hebben een verleden uit de Oudheid:
- Tanger:
Het Tingis uit de Punische tijd met inscripties uit
de 4e eeuw v.C.
- Cap Spartel:
Op 4 km ten zuiden van de kaap bevinden zich de
‘Grotten van Hercules’ met o.a. een Punisch graf (eind 6e eeuw v.C).
- Ad Mercuri:
Voornamelijk Romeins, maar toch ook enige Fenicische
en Carthaagse vondsten.
- Arcili:
Het ZILIS uit de Oudheid met Punische
keramiekscherven.
- Tchemmich:
LIXOS. De complete nederzetting is duidelijk
zichtbaar.
Fenicisch uit de 6e eeuw v.C. Grieks aardewerk uit
de 5e eeuw v.C. Punische vondsten uit de 4e eeuw v.C. De
traditionele stichting wijst naar ca.1100 v.C. Een scarabee met het teken ‘nb’
(=Nebmare) verwijst naar Amenophis III (1405-1370 v.C), maar het voorwerp moet
veel later op deze plaats terecht zijn gekomen.
- Moulay Bouselham/Oualidia:
Er is een vebinding met zee via de Merdja Ez Zerga
en de Merdja Ras ed Daoura. De necropool bevat enige mausolea en werd zowel
door de Puniërs, als door de Romeinen en Mohammedanen gebruikt. Er is veel
Romeinse keramiek teruggevonden en een enkel laat-Carthaags voorwerp.
- Estuarium van de Oued Bou-Regreg:
In Rabat/Salé werd niets gevonden, maar de lokatie
is te gunstig om over het hoofd gezien te worden. In Chella zijn wel
preromeinse scherven gevonden (3e eeuw v.C) en onder de boulevard
Reine ligt een necropool uit de 2e eeuw v.C. Een lamp en fles zijn
vanuit de 1e eeuw v.C.
- Azemmour:
Op de linkeroever van de rivier is Romeins geld en zijn Romeinse graven gevonden. Ten zuiden
hiervan zijn enige muren en graven aanwezig van een gepuniseerde bevolking.
Vondst van potscherven en een fles.
- Mazagan/El Djedida:
Ten zuiden van deze plaats ligt Tit. Hier zijn
neopunische graven teruggevonden. De plaats is RUSIBIS, zoals Plinius die noemt
in Hist.Nat.V.9.
- Cap Cantin:
Dit is SOLOEIS vanuit het bericht van Hanno. Op de
top van de ‘falaise’ bevindt zich een Punische onderaardse kamer.
- Djorf el Youdi:
Hier is de voet van een beeld gevonden en is
waarschijnlijk van Punische makelij.
- Haha:
Aan de Cap Rhir is Punische keramiek uit de 3e
eeuw v.C. aangetroffen en bovendien enig Iberische geometrische keramiek.
- Imsouane:
Aanwezigheid van Punische keramiek.
- Mogador:
Veel Punische keramiek. Punische inscripties,
bouwwerken en haveninstallaties.
Er werd niets gevonden te Mehedia, Le Rharb,
Zaer-Chaouia, Salé, Doukala, Abda, Safi, Souira-Kedima, Cap Sim, Oued Draa, Cap Tafelney, Sous. Toch
zijn dit plaatsen, die in aanmerking kunnen komen.
8.8.Contribution a l'étude de
l'expansion carthaginoise P.Cintas
insititut des hautes‑études au
Maroc
marocaines LVI
Moulay
Bouselham,Méhédia,Salé,Le Rharb,
Zaer
Chaouia,Azemmour,Mazagan,Djorf el
Youdi,Haha,Cap
Sim,Sous,Mogador}
Geen opmerkingen:
Een reactie posten